Column Phemy

Bewegen (maart 2010)

Als ik ‘s morgens na de cracker op een kinderdagverblijf kom, staan er een aantal kinderen in de gang te stoeien met hun jas.Het is een hele klus, "welke jas is eigenlijk van mij, waar moet m'n arm en hoe komt die andere er dan in", om nog maar te zwijgen van de rits of die lastige knoop!
Als je kind op een dagverblijf of peuterspeelzaal zit, moet je als ouder niet vreemd opkijken wanneer ze hun jas op de grond gooien wanneer jij vraagt hem aan te doen! Net als je hier iets van wilt zeggen zie je je dreumes zijn beide armen in de mouwen steken van de jas (dat met de binnen kant naar boven en de kraag aan de kant van z'n benen ligt) en met een zwaai zijn jas over z'n hoofd trekken: tada!!! Nu alleen nog de rits en daar zijn altijd wel een paar welwillende grote groepsgenoten voor te vinden of natuurlijk de pedagogisch medewerker. Buiten spelen begint dus met een flinke warming up!

Eenmaal buiten aangekomen sprinten een paar kinderen naar de schuur en helpen hard mee de leukste fiets buiten te zetten, even ‘tanken' bij de mooie ‘benzine' pomp op het plein en dan kan de tocht over de paden beginnen. Een aantal andere kinderen wil liever tekenen op de schoolborden. De pedagogisch medewerker helpt mee. Opeens komt Bart op me afgerend: hij heeft iets ontdekt vlak bij de boom, "een groen beest komt uit de grond" ...ik ben benieuwd! Als we samen gaan kijken blijkt dat hij een eerste teken van het voorjaar heeft ontdekt: er komt een bolletje boven de grond!Mijn uitleg over de lente en nieuwe bloemen gelooft hij maar half want op z'n hurken, blijft hij nog een poos kijken of er niet toch wat beweging zit in zijn "beest"!

Eigenlijk ben ik op deze vestiging om te kijken naar een jongetje waarvan ouders en pedagogisch medewerkers zich zorgen maken over zijn motoriek. Samen gaan we spelen met een bal, rollen, schoppen, vangen(proberen) gooien met twee handen en we proberen ‘t ook met één. Als we allebei rode wangen hebben van het rennen achter de bal aan (vangen is best moeilijk!) gaan we nog van de ene tegel op de andere springen, wandelen op hakken en dan weer op ons tenen, opeens stilstaan en we kijken wie er het langst op 1 been kan blijven staan zonder om te vallen! (Als je met je hand je oor aanraakt gaat het beter, echt!)
Inmiddels heeft zich een hele groep kinderen aangesloten bij ons spel. Het enthousiasme van de kinderen is groot,  hoewel er ook een aantal lekker blijft fietsen. Bart blijft bij zijn boom in de buurt rond scharrelen. Als een pedagogisch medewerker hem erbij betrekt gaat ook hij enthousiast mee springen.

"In de media wordt er veel over geschreven: kinderen bewegen te weinig en worden te dik. Binnen onze organisatie wordt veel aandacht besteed aan bewegen. Veel pedagogisch medewerkers hebben de workshop "beweegkriebels"gedaan tijdens een studiedag en voor onze BSO kinderen zijn er naast de buiten speelplaatsen ook gymzalen ter beschikking.
Als kinderen (buiten) spelen bewegen ze spontaan, maar voor kinderen zoals Bart die liever rond scharrelen op zoek naar mooie steentjes en andere natuur wondertjes, is het belangrijk om te  worden uitgedaagd tot een ander soort bewegen.
Samen met anderen bewegen geeft een plezierig gevoel. Wanneer de pedagogisch medewerker aansluit op het niveau van kinderen en hen uitdaagt tot een stapje meer/moeilijker dan doet het kind veel positieve ‘beweeg ervaringen' op en zal in beweging blijven! Daarom is naast vrij spel, ook van belang dat er activiteiten worden aangeboden, zowel binnen als op het plein.

Wat een kind ongeveer moet kunnen op motorisch gebied, op een bepaalde leeftijd hangt dus ook af van zijn ervaringen op 't gebied van bewegen, aanleg en interesse. Maar ook van zijn bouw: een groot lijf /hoofd heeft ‘sterkere' spieren nodig dan een tenger gebouwd kind. Globale richtlijnen zijn er wel te geven. Een kleine greep:

Vaardigheid

Leeftijd bij benadering

Kruipen

Kruipen met lichaam van de grond ± 9 mnd

Lopen

Rond een jaar, bij 18 maanden wordt fysio aanbevolen voor de kinderen die nog niet lopen

Rennen en snel kunnen stoppen op commando

4 jaar

Uitkleden

Help met uitkleden: 18 maanden,
Zelf alles uitdoen(op moeilijke knoop na) 24 maanden
Aankleden op knopen/rits na 42 maanden

Rits van jas dichtdoen

4 jaar

Op tenen lopen

24 mnd

Even op 1 been staan

28 mnd

Bal schoppen zonder om te vallen

28 mnd

Fietsen zonder zijwieltjes

Vanaf 4 jaar

Knippen/prikken

Vanaf 36 mnd

Bouwen met Kapla/ Lego

Vanaf 4 jaar

Op fiets aan verkeer deelnemen met hulp volwassene

Vanaf 4 jaar liefst op stoep, vanaf 6 op weg
Vanaf 8 op bekende overzichtelijke, routes, alleen.

Naast alle aangeboden activiteiten zit er ook veel oefening in dagelijkse handelingen. Al op het aankleedkussen dagen we kinderen uit om zelf hun hoofd op te richten wanneer het rompertje aan gaat, zelf overeind te komen en wanneer ze kunnen lopen klimmen ze aan de hand van de pedagogisch medewerker via de trap omhoog. We geven kinderen de tijd om zelf uit (en later ook aan) te kleden, aan tafel op de bank te klauteren en er weer af, helpen met tafeldekken, brood smeren en drinken inschenken (op de BSO).
Bij de aanschaf van nieuw spelmateriaal wordt er op gelet of er voldoende motorische uitdagingen zijn: grote zachte blokken om een spel circuit van te maken, blokken in verschillende grote om mee te bouwen (op de BSO is er ook lego, kapla en knex), dikke krijtjes en dunne potloden. Driewielers, loopfietsen, springtouwen, jongleermateriaal maar ook grote speelmatten voor de baby's zodat ze veilig kunnen experimenteren met rollen en kruipen."

Al zingend stampen we onze schoenen schoon voor de deur en in de gang wurmen alle kinderen zich weer uit hun jas en trekken hun sloffen aan: een prima ‘cooling down'!!
Samen met de pedagogisch medewerker bespreek ik hoe we de vaardigheden kunnen vergroten van het jongetje waar ik voor kwam, we plannen een periode waarin er extra wordt geoefend en ik neem contact op met zijn ouders.

Sinterklaas (november 2009)

Met een plof valt de nieuwe speelgoedgids op de mat, een roffelend geluid op de trap verraad dat een van jongste huisbewoners dit ook heeft gehoord.
"Eindelijk, Marieke had hem gisteren al en zij heeft natuurlijk al een hele lijst playmobil gemaakt. Je bent een na-aper zegt ze dan, als ik ook playmobil vraag."
Een beetje wazig sta ik naar dit verhaal te luisteren, een hele lijst? Hoezo en sinds wanneer wil jij playmobil.
Ik heb te hardnekkig m'n hoofd omgedraaid bij de enorme stapels chocoladeletters in de supermarkt en ook de stelling met strooigoed heb ik genegeerd. Nu kan ik er niet meer omheen: Sinterklaas: hij is al onderweg naar Nederland!

Nog maar kort geleden waren de lijstjes bescheiden("want mam dat is toch zielig voor Sinterklaas, die dure kado's") en gebaseerd op plaatjes in de speelgoedgids van de oh zo aantrekkelijke roze stofzuiger of roze stuiterbal. Stonden er kruisjes op de kalender van hoeveel nachtjes slapen nog en was er verbazing over het feit dat haar vriendinnetje elke dag iets in haar schoen had en zij alleen op zondag. Liep ze vooraan als de boot met Sint binnenvoer, zich afvragend waarom de meneer van de plaatselijke AH aan het roer zat.
Zat ze nog met een wit snoetje van de schrik(buurman Piet bonkte wel erg hard op het raam) glunderend haar pakjes open te maken en vergat na twee pakjes dat er nog meer lag omdat er toch echt eerst gespeeld moest worden.

Tegenwoordig roept de komst van Sint vragen op over "of haar Pietenpak nog past' (toch een leuk zakcentje, Piet zijn bij de hummels uit de buurt!) en over "voor hoeveel"(lees euro)ze dingen op haar lijstje mag zetten.
Nu komt de Sint stress vooral voort uit het te laat beginnen aan de surprise voor een klasgenoot en ook nog een voor een familielid. En bestaat de voorpret vooral uit het geheimzinnige gerommel op haar kamer(verboden toegang op haar deur) ivm de surprise voor mij (ze versprak zich met een vraag over een kadootje) .

>In een gezin met jonge kinderen doe je er goed aan een kalender te maken met hoeveel nachtjes er nog geslapen moeten worden, stickers kunnen aangeven op welke dag de schoen gezet mag worden. Het is goed om niet te veel om het sint gebeuren heen te verzinnen( een paard op het dak is niet in elk huis even geloofwaardig en pieten die in huis rommel maken, kunnen heel wat slapeloze nachten veroorzaken!) Maak keuzes in of en welk sintfeest je bezoekt en welke intocht, een terug komende traditie van jaren is vaak waardevoller dan veel stress die onherroepelijk komt  bij het aflopen van alle intochten in de buurt inclusief het feest op het werk bij papa, mama, opa's, oma's....
Een fijn sint voorleesboek, liedjes zingen en voor de grotere sint fans: samen kijken naar het Sinterklaas journaal maakt de voorpret voor het sinterklaasfeest tot een gezellige gezinstraditie.

Als we samen balletjes staan te draaien van het pepernotendeeg(rode wangen en deeg dat plakt tot aan haar ellebogen) verzucht ze dat het vroeger toch een stuk makkelijke was: alleen zingen en dan gewoon heeeeeeel veel pakjes uitpakken!

Veel sintplezier!

Donder en Bliksem (augustus 2009)

Krediet crisis of niet, we laten Nederland achter ons voor een heerlijke zomervakantie. Kamperen, dat dan weer wel!
Vrienden maak je gemakkelijk als je ligt te spartelen met je bandjes om in het zwembad of, voor de grotere kids, bij het ‘rond de tafel' gewapend met een nieuw tafeltennis badje.
Soms ook wel spannend, hoe pak je dat nou aan, meedoen met kinderen die misschien al wat langer rond rennen op hun Cros op deze camping.

> Speel een spelletje mee met de kinderen en praat via je kind met de nieuwe speelgenoten: "dit is Lotte en hoe heet jij?" Samen opzoek naar gezonken speeltjes is, ook in het pierebadje, een leuke bindende activiteit. Forceer niets, maar blijf een beetje ‘langs de zijlijn' er is bijna altijd wel een kind die het initiatief neemt en ook jouw kind betrekt bij het spel.

Vanuit m'n luie stoel is het leuk observeren, net wanneer ik opmerk hoe handig een paar kleuters dit ‘nieuwe vrienden maken' aanpakken, hoor ik de moeders(ook nieuwe vrienden) elkaar vertellen dat ze zo blij zijn met de ervaring die hun kinderen hebben in het spelen in een groep: lang leve de  kinderopvang!
Als het 's avonds langzaam stiller wordt  steekt er opeens een flinke wind op, verderop hoor je het al rommelen en als net de laatste scheerlijn extra is gezet breekt er een enorm onweer los. Tussen het natuurgeweld door klinkt er uit onze buurtent een paniekerig gehuil "mama"...
Onze buren zaten nog lekker even een wijntje te drinken op het overdekte terras van de camping. Uit de geruststellende woorden maken we op dat ze door de hoosbui zijn aankomen rennen. Gelukkig maar want angst voor dit onbekende geluid in een nog niet vertouwde omgeving kan maar beter getroost worden.

> Voorkom uitspraken als: ‘joh, dit is echt niet eng" maar bevestig dat het inderdaad en hoop herrie is, die regen en donder. Samen een spelletje doen of een verhaal voorlezen geeft fijne afleiding en is erg knus zo met een zaklamp.
Oudere kinderen willen graag weten wat het nou is, dat onweer, uitleg maakt minder angstig!

De volgende ochtend loopt onze jongste over een dampige camping, overal klinken de stoere verhalen over donder en bliksem!
En nu als de bliksem het zwembad weer in!